DUIZEND LEVENS

Margreet Hofland
Caravaggio
Fragmenten
Bernini
Lezing/cursus
Verantwoording
Gastenboek
In de media
Duizend levens
Contact

Foto's
Links

Bestel

English version

 

DUIZEND LEVENS

speelt in dezelfde tijd en op dezelfde plaats als HET GENIE VAN ROME.

ceciliacov

(Klik op het boek om te bestellen)

De hoofdpersonen zijn Beatrice Cenci en kardinaal Paolo Emilio Sfondrati, allebei historische figuren. Een wonderlijke vondst onder zijn kerk, de Santa Cecilia in Trastevere, genoemd naar de heilige Cecilia, heeft kardinaal Sfondrati in meerdere opzichten onsterfelijk gemaakt. Twee dramatische gebeurtenissen die, naar waarheid, op 11 september 1598 en op 11 september 1599 voorvielen, brachten het meisje en de kardinaal samen. Het toeval van deze beide data en de gebeurtenissen in New York op 11 september 2001 zijn de rode draad in het verhaal.

De geheime relatie tussen Beatrice en de kardinaal is volledig fictie, maar niet geheel ondenkbaar. Ook Beatrice en de heilige Cecilia blijken door de tijd heen een onvermoede band met elkaar te hebben.

De Bolognese schilders Guido Reni, Annibale Carracci, Domenichino en Francesco Albani spelen ook een rol in het verhaal. Ze hebben allemaal verschillende portretten van de heilige Cecilia en van Beatrice gemaakt. In Palazzo Barberini in Rome hangt een portret van Beatrice waarvan altijd is aangenomen dat het van Reni was. Tijdens het schrijven van het boek zijn daar toevalligerwijze door verschillende historici twijfels over ontstaan. Maar voor Margreet Hofland blijven Guido Reni en Beatrice tot in deze tijd onverbrekelijk met elkaar verbonden.

De plot van het verhaal speelt zich af in La Galleria Farnese, de pronkkamer van Palazzo Farnese in Rome. Hier heeft Annibale Carracci het prachtige plafond, zijn levenswerk geschilderd.

cycloop2

De cycloop 1595 -1605

Plafondschildering van Annibale Carracci in Palazzo Farnese

 

Verantwoording

Het trieste verhaal van Beatrice Cenci is bijna volledig opgetekend in verslagen van de rechtbank uit de 16de eeuw. Rome was in die tijd behoorlijk ontdaan van het feit dat het mooie jonge meisje door de paus veroordeeld werd, terwijl zij eigenlijk het slachtoffer van haar vader was.
  Vrijwel alle bijfiguren worden in de verslagen genoemd en zijn in dit boek tot karakters omgevormd.
  Giordano Bruno heeft tegelijkertijd met Beatrice in de Tor di Nona gezeten. Zijn standbeeld staat op de Campo de’Fiori, op de plek waar hij verbrand is.

De opgraving van de heilige Cecilia, twee maanden na de onthoofding van Beatrice, liet het volk van Rome destijds geloven dat de vondst een teken van God was. De wonden in haar hals droegen daartoe bij. Het was bovendien een wonder dat de heilige zo goed geconserveerd was. De geschiedenis van de heilige Cecilia is een legende, maar zij werd inderdaad in de catacomben van Callisto begraven en later herbegraven onder haar eigen huis door paus Paschalis I. Haar lichaam is achthonderd jaar zoek geweest. De resten van haar oude woonhuis kunnen nog steeds bekeken worden door in de crypte van de Santa Cecilia in Trastevere af te dalen. Ook het oude bad is daar te zien.

Kardinaal Emilio Sfondrati was in 1599 met de restauratie van zijn kerk bezig toen hij de sarcofaag met Cecilia vond. Buiten zijn slechte politieke beleid, in de tijd dat hij zijn oom, paus Gregorio XIV hielp, en zijn liefde voor kunst, is er niet veel over zijn karakter bekend, behalve dat hij genoot van zijn kortdurende machtspositie. Zijn verhouding met Beatrice is volledig fictie.

In de kerstnacht van 1598 trad de Tiber door het slechte weer buiten haar oevers en is de Ponte Santa Maria ingestort. Sindsdien heet de brug: Ponte Rotto (kapotte brug).

De kunstacademie in Bologna is opgericht door de familie Carracci. Annibale is naar Rome vertrokken om daar voor Odoardo Farnese te werken, gevolgd door zijn broer Agostino. De leerlingen Domenichino, Guido Reni en Francesco Albani zijn later gevolgd om hem te helpen. De schildering op het plafond van de Galleria Farnese, die een omwenteling in de schilderkunst heeft veroorzaakt, is nog steeds (op afspraak) te bezichtigen in Palazzo Farnese, waar nu de Franse ambassade zetelt. Annibale is in een depressie geraakt na het voltooien van het plafond, onder andere door de geringe betaling en de afkeuring van de paus.
  Guido Reni werkte voor zichzelf. Als kind had hij visioenen en zag dan een licht ter grootte van een ei. Het is bekend dat hij gokverslaafd was en bang voor heksen.

Aziz Ma'ali is een niet-bestaand figuur.

De figuren in het heden zijn fictie, behalve de kapers Mohammed Atta, Abdul Aziz al Omari, Waleed al Sheri, Wail al Sheri en Satam al Suqami. De omstandigheden rond het instorten van de Twin Towers zijn zo nauwkeurig mogelijk weergegeven.

De data van de moord op Francesco Cenci op 11 september 1598 en van de onthoofding van Beatrice op 11 september 1599 zijn juist, hoewel sommige literatuur hier een dag vanaf wijkt. De overeenkomst van deze data met 11 september 2001 bracht mij tot dit verhaal.

 

Foutje

Correctie: de oom van Emilio was paus Gergorio XIV. In de Verantwoording in het boek wordt hij per abuis Gregorio XIII genoemd.

He

 


Klik HIER voor enkele fragmenten uit het boek Duizend levens

Saint Cecilia, the patron saint of musicians, was an early Christian martyr. According to legend, she could play any musical instrument and was so exalted she could hear the singing of angels. Here, with her eyes turned toward heaven, she plays a violin; in the background is an organ.

The elegant "Saint Cecilia" exhibits the refined sensibility and pious sentimentality that made Guido Reni the most sought-after Bolognese painter of the seventeenth century. This early work was commissioned from Reni by Cardinal Sfondrato, who enthusiastically promoted the cult of Saint Cecilia. The picture was soon acquired by Cardinal Scipione Borghese, another prominent Roman patron of Reni, and was later owned by Lucien Bonaparte and by Marie-Louise Josephine, Queen of Etruria.


Beatrice Cenci - 1601

Vermoedelijk geschilderd door Guido Reni


Kardinaal Paolo Emilio Sfondrati

Grafmonument


Santa Cecilia
 -  1600

Beeld van Stefano Maderno

Kunstobjecten die in het boek voorkomen

Het portret van Beatrice Cenci dat in Palazzo Barberini hangt, gemaakt rond 1601, is lange tijd toegeschreven aan Guido Reni. Nu is men daar niet meer zeker van.

De Santa Cecilia die Guido Reni in 1606 maakte hangt in het Norton Simon Museum, Pasadena, Californië

De kerk, de Santa Cecilia in Trastevere, staat op de piazza di Santa Cecilia in Rome. In de kerk bevinden zich onder andere het beeld van de heilige Cecilia dat door Stefano Maderno is gemaakt, en twee schilderijen van Guido Reni.
  De terechtstelling van Santa Cecilia (1601) is lange tijd toegeschreven aan Giulio Romano, maar op dit moment denkt men toch weer dat het door Guido Reni is gemaakt. Het hangt in de Santa Cecilia tegenover de tondo De bruiloft van Santa Cecilia en Valerianus, door de engel ingezegend (1600)
Men kan onder de vloer overblijfselen bezichtigen van het oude woonhuis, waaronder het bad waarin Cecilia verdronken zou zijn en de kuilen die men gebruikte om het leer te looien.
In de catacomben van Callisto, iets buiten het centrum van Rome bij de via Appia, is de plek te zien waar Cecilia oorspronkelijk begraven lag. Op die plaats staat nu een kopie van het marmeren beeld van Maderno.

In Palazzo Farnese in Rome is nu zoals gezegd de Franse ambassade gevestigd. Het plafond van Annibale Carracci (1598 - 1602) kan op afspraak bekeken worden. In de voorstelling met Bacchus en Ariadne is een ezel te zien met een dronken Silenus op de rug. In zijn hand houdt hij een kleine tinnen schaal.

Het schilderij, de Extase van Santa Cecilia (1514 - 1516) van Raffaello Santi, hangt in de Pinacoteca Nazionale in Bologna. De kopie daarvan, door Guido Reni gemaakt (1601), is door kardinaal Sfondrati in 1614 geschonken aan de San Luigi dei Francesi in Rome. Op de plaats van het origineel, in de San Giovanni del Monte in Bologna, hangt nu ook een kopie.

Het schilderij ‘De verheerlijking’ (1520) van Raffaello hing oorspronkelijk in de San Pietro di Montorio in Rome en hangt nu in de Pinacoteca van het Vaticaans museum.

De frescocyclus Het martelaarsschap van Santa Cecilia van Domenichino is te zien in de San Luigi dei Francesi in Rome en is gemaakt tussen 1613 en 1614.

De Santa Cecilia van Domenichino uit 1618 hangt in het Louvre in Parijs.

Naast de ingang van de Santa Cecilia in Trastevere staat een monument voor Emilio Sfondrati met zijn portret. Het is in opdracht van Odoardo Farnese en Augusto Puccinelli gemaakt door Girolamo Rainaldi, Angelo di Pellegrino en Clemente Gargioli naar een ontwerp van Pietro Bernini.